Jesse Breet. “Grootere diefstal bestond er dus niet. De roof van huisraden en het proces van Jodenvervolging in Nederland. Menasseh ben Israel Instituut Studies xviii (ISBN 978-90-829674-5-6, 98 pagina’s, Amsterdam 2025).
€ 10, -
De Jodenvervolging ging gepaard met de systematische onteigening van alle bezittingen en rechten die de Joden in Nederland hadden. Deze roof ontdeed de Joden niet alleen van hun persoonlijke spullen, maar daarmee ook van hun waardigheid en sociale identiteit. In dit essay onderzoekt Jesse Breet de roof van Joodse huisraden als onderdeel van het bredere proces van de Jodenvervolging in Nederland. Hierbij ligt de focus niet op de economische waarde van spullen, maar op de functie van persoonlijke bezittingen – een kast, stoel of beker – als ankerpunten van iden titeit, herinnering en sociale status. Wat betekent het voor slachtoffers als hun gehele bezit hun wordt afgenomen? Wat deed deze grootschalige roof met de samenleving die hiervan getuige was en wat motiveerde de – veelal Nederlandse – daders om hierbij betrokken te zijn en zo actief deel te nemen aan de vernietiging van de Joden?
Jesse Breet (1997) is historicus. Deze uitgave is een bewerking van zijn scriptie “Grootere diefstal bestond er dus niet”. De roof van huisraden en het proces van Jodenvervolging in Nederland, die hij schreef voor zijn researchmaster aan de Universiteit van Amsterdam en waarvoor hij de door het Menasseh ben Israel Instituut uitgeschreven 16e Hartog Beem-scriptieprijs won.